Understanding trajectories of counselling outside the medical context of people who have a wish to die (WC2012-009)

Background

Starting date: 07/06/2012

 

In the Netherlands euthanasia and physician assisted suicide are regulated by the "Termination of Life on Request and Assisted Suicide (Review Procedures) Act" (WTL). Not all explicit requests for physician assisted dying result in performing euthanasia or physician assisted suicide. For example, 42% of all requests from patients with a physical disease is not granted, while psychiatric patients almost never have their request granted. Elderly patients that are weary of life are also very often confronted with a refusal of their request. After a request for physician assisted dying is refused by the physician the wish to end one’s life often persists and some decide to end their life without doctor’s assistance.

 

The recent position paper by the KNMG “The role of the physician in the voluntary termination of life” states that a physician can inform a patient about humane ways of non-medical suicide when this patient does not meet the criteria of due care that are laid down in the WTL. There is little research that provides insight in the trajectory between developing a wish to die (that is often discussed with the physician and leading up to a refused request for physician assisted dying) and the possible ending of ones life through non-medical suicide.

 

An organisation that has experience with this trajectory is Stichting de Einder. Counselors in cooperation with this foundation offer counselling for self-determination around life’s end and amongst others provide information on humane ways of non-medical suicides. With this research more insight will be gained in the diversity of clients of counsellors in cooperation with Stichting de Einder who choose for counselling for self-determination around life’s end, their (medical) history that has resulted in this choice, the counselling they received and the result of this counselling.

 

*****************************************************************************************************************

 

In Nederland worden euthanasie en hulp bij zelfdoding door een arts gereguleerd door de Wet Toetsing Levensbeëindiging op verzoek en hulp bij zelfdoding (WTL). Niet alle expliciete verzoeken voor euthanasie of hulp bij zelfdoding resulteren in een daadwerkelijke uitvoering ervan. Bij verzoeken waarbij fysieke ziekten een rol spelen, wordt 42% niet gehonoreerd. Verzoeken om hulp bij zelfdoding van psychiatrische patiënten worden vrijwel nooit gehonoreerd. En bijvoorbeeld ook ouderen die “klaar met leven” zijn en een doodswens ontwikkelen worden vaak geconfronteerd met een afwijzing van hun verzoek om euthanasie of hulp bij zelfdoding. Na een eventuele afwijzing van dit verzoek blijkt de doodswens vaak te persisteren en een klein deel van de deze patiënten besluit ook daadwerkelijk zelf het leven te beëindigen zonder doktershulp.

Het recente KNMG standpunt “De rol van de arts bij het zelfgewilde levenseinde” signaleert dit en vermeldt hierover dat artsen patiënten – die niet voldoen aan de zorgvuldigheidseisen van de WTL – wel kunnen informeren over zelfdoding in eigen beheer (zelfdoding zonder doktershulp). Er is echter nog geen onderzoek dat inzicht geeft in de fase tussen het ontwikkelen van een doodswens (het eventueel bespreekbaar maken met de huisarts en een afgewezen verzoek om euthanasie of hulp bij zelfdoding) én de mogelijke uitvoering van een zelfdoding zonder doktershulp.

Een organisatie met ervaring met het begeleiden van zelfdoding zonder doktershulp in deze fase is de humanistische Stichting de Einder. Met dit onderzoek wordt getracht meer inzicht te verkrijgen in de diversiteit van cliënten van en de begeleiding door counselors in samenwerking met deze stichting, zoals informatie over de mensen die kiezen voor begeleiding bij zelfbeschikking rond het levenseinde (en eventueel een zelfdoding zonder doktershulp), de voorgeschiedenis die geresulteerd heeft in deze keuze, de ontvangen begeleiding en het verloop of resultaat van de begeleiding.